Studentenleed

Een nieuwe start. Ik keek er al even naar uit. Weer helemaal opnieuw beginnen, nieuwe omgeving (zowel fysiek als sociaal), terug op mezelf gaan wonen en proberen te overleven, nieuwe kennis opdoen en me gaan verdiepen en in reeds afgelegde studies. Het zou geweldig worden! Je hoort me al aankomen en zoals de titel al doet vermoeden, geweldig was m’n start allesbehalve. Ik vertrok op zondag in een haast na een activiteit bij vrijwilligerswerk en vier dagen in Maastricht. Ik kon niet eens zelf m’n valies maken en moest er op vertrouwen dat alles wat ik nodig had door m’n zus en moeder klaar werd gezet. Ik was namelijk als sinds dinsdag niet meer thuis geweest. Thuisgekomen, alle bagage van de trip naar Maastricht uitgeladen en snel de andere auto gevuld met de valies die voor mij werd gemaakt. In een haast naar het station want ik zou net niet/net wel de trein halen van 18u. Eén maal op de roltrap richting perron werden we (m’n zus en haar vriend waren er ook bij) gehinderd door enkele personen die de ‘rechts stilstaan en links doorgaan’-regel nog niet kennen. Net na het fluitje de kans gekregen van de conducteur om nog in te stappen en me net kunnen proppen tussen enkele andere reizigers die noodgedwongen op de gang moesten staan. Een vlotte treinrit bracht me na ongeveer anderhalf uur in station Leuven. Vol goede moed begon ik aan m’n tocht naar m’n kot. Dat ging goed, voor de volle 2 minuten. Al snel bleek m’n valies en vooral e wielen te bezwijken onder het gewicht van m’n bagage (geloof me, echt zo veel was het niet). De wielen gingen scheef en schuurden tegen de rand. Precies of de rem stond permanent op. Na wat gefoefel om die wielen recht te krijgen werd het al snel duidelijk dat het van kwaad naar erger zou gaan. De wielen kwamen steeds losser en waren gloeiend heet (door de wrijving). Het vooruit trekken van de valies werd steeds zwaarder, ik begon te zweten. Ik moest al regelmatig tussenpauzes nemen om op adem te komen. Precies of ik sleepte het lichaam van een volwassene achter me aan. Als ergotherapeut weet ik dat dit alles behalve goed is voor m’n rug maar ik moest op kot raken. Het dragen van de valies in m’n handen was onmogelijk, de valies kletste steeds opnieuw tegen m’n benen, ik viel bijna over de valies. Tot overmaat van ramp begonnen de wielen in twee te splijten en stukken te verliezen. Ik had er helemaal geen idee van dat dit mogelijk was! Het zweet begon werkelijk te stromen en m’n hoofd bonsde. Ik voelde mijn hele gezicht gloeien, dat zal een fraai gezicht geweest zijn. Mensen die me voorbijstaken keken me vreemd aan. Eindelijk op kot, wat een overwinning! Helaas vergat ik even dat ik nog zo’n 5 trappen op moest, gezien ik een kamer op de bovenste verdieping heb. Ik wist niet wat gedaan toen ik eindelijk binnen was. Het zweet stroomde van m’n hoofd af, druppels lagen op de grond! Zo hard had ik nog nooit gezweet! Ik wou niet zitten of liggen om niks te besmeuren met mijn excretievloeistoffen. Douchen! Helaas moest ik wel nog even graven in m’n valies om alle spullen bijeen te krijgen en kon ik het niet laten toch al heel wat spullen op hun plek te laten, ik hou niet van rondslingerend materiaal. De douche was de hemel! Ondanks het moeilijk vinden van een goed evenwicht tussen de warm -en koudwaterkraan genoot ik met volle teugen. Helaas hielp het me niet van m’n tomatenhuidskleur af. Tijd voor eten! Ik had nog een heerlijk potje moeders kost meekregen (het was ondertussen al 21u30). Dit opgewarmd en naar binnen geschrokt. Dat smaakte! Nu had ik eindelijk te tijd om m’n moeder eens wat te vertellen over m’n verrassingstrip naar Maastricht. Ik start m’n computer op, sluit de internetkabel aan en niks gebeurde. Geen internet. Dit had er echt niet nog bij gewild. Ik had amper iets tegen m’n ouders kunnen zeggen bij m’n thuiskomst en zou nu nog moeten wachten op een uitgebreid gesprek. M’n kotbuur gevraagd hoe hij het internet fixte maar het bleek werkelijk een probleem te zijn in mijn kamer. Kabels uitgeleend en geprobeerd of het probleem daaraan lag, geen succes. Kotbaas  weet er ook geen raad mee en zal Kotnet (het internet voor alle koten in Leuven) moeten contacteren want ik blijk de enige te zijn zonder internet op de kamer. Die avond verder kot ingericht en tot de conclusie gekomen dat ik nog heel wat spullen die ik had klaargelegd op m’n bureau niet kon vinden in m’n valies. Ik miste vooral mijn pennenzak, zonder schrijfgerief voel ik me waardeloos. Dan maar snel in bed gekropen en m’n boek ‘Het smelt’ van Lize Spit gepakt, hier kan niks foutlopen.

Op maandag een nieuwe dag, alweer zonder internet. Help ik moet vandaag een treinabonnement en een fiets fixen en ik weet niet waar ik moet zijn (voor de fiets dan toch). Na een fixe wandeling naar het station (die een stuk makkelijker ging dan gisteren) aangekomen en aangeschoven voor een treinabonnement. Dit ging vlotjes, eindelijk iets dat goed ging! Daarna op zoek naar de fietsverhuur. Ik had gisteren al mensen gebeld of gesmst om dingen voor me op te zoeken en deze zou in het station te vinden zijn. Hier een kwartier lopen zoeken maar niks gevonden. Iemand hulp gevraagd en op fietspunt terecht gekomen. Bleek dat daar helemaal geen studentenfietsen werden verhuurd! Ik moest aan de compleet andere kant zijn van Leuven, buiten stad zelfs. Ik bekeek de stadskaart van Leuven die overal te vinden is in de stad. Nergens de straat te vinden die ik moest hebben. Dan maar afgegaan op het symbool voor fietsverhuur. Daar aangekomen blijkbaar ook geen fietsen voor studenten te huur! Hij wees me de richting aan waarnaar ik moest wandelen. Ik volgde zijn instructies aar vond nergens de straat die ik nodig had. Vriend opgebeld en gevraagd om de weg op te zoeken voor mij. Bleek ik totaal de verkeerde kant uit te zijn gewandeld en was ik er nog een heel eind van verwijderd. Hij zocht voor mij een bus op en gaf me instructies. Een vriendelijke buschauffeur verwittigde me wanneer de bus stopte aan de halte die ik nodig had en eindelijk zou ik in de buurt komen van de fiets. Ik zag de verhuurplek van ver en wandelde volle goede moed deze richting uit. Te vroeg gejuigd, ik liep recht op een afsluiting af en moest terugkeren en een andere ingang nemen. Eénmaal aangekomen aan de fietsverhuur stond een lange wachtrij studenten. Ik heb er zo’n uur staan aanschuiven voor ik de fiets in m’n bezitting had. Gelukkig was ik nu niet alleen en deelde ik dit Kafkaleed met vele andere gefrustreerde studenten (ik leek nog het minst gefrustreerd want ik was eigenlijk blij eindelijk op de juiste plaats te zijn). Terwijl m’n vriend wachtte op een bevestigend antwoord dat ik eindelijk terecht was kreeg ik de melding dat m’n beltegoed op was. Slik, nu kan ik hem niet meer vragen om de weg terug te zoeken. Wonderbaarlijk genoeg belde hij me op, hij had al door dat er iets scheelde met m’n belkrediet (wat een held). Hij zocht voor mij de weg op en ik fietste vlot (nou ja..) naar kot. Onderweg bleef m’n rok vasthangen aan het zadel waardoor ik bijna van m’n fiets viel toen ik moest stoppen aan een rood licht. Nu eindelijk heel en uitgeput aangekomen op kot. Ik wacht nog op m’n vriendin die samen met mij studeert en naast me op kot zit. Het kan alleen maar beter worden vanaf nu!

Liefs, Laura

 

Advertenties

3 jaar en 1 meter verder

IMG_3667beter.jpg

Vandaag had ik m’n allerlaatste examenmoment voor het bereiken van m’n diploma ergotherapie. Het was de bedoeling dat de stapel leerstof er indrukwekkend uit zou zien maar het ziet er nogal doetjes uit, woeps! Nu nog de resultaten afwachten en ik heb binnenkort m’n diploma in handen.

Liefs, Laura

Eerste week stage

Na een week stage bij Ergotherapiepraktijk Stip heb ik al ongelooflijk veel bijgeleerd. Ik heb heel wat kinderen gezien in de praktijk, op het Speciaal Onderwijs (wat bij ons het Bijzonder Onderwijs heet) en het gewoon onderwijs. Mijn stagementor is naast ergotherapeut ook sensorisch integratie therapeut. Ze gaf me vandaag al een korte uitleg over de basis van SI en deze gaf me een totaal andere kijk op het gedrag van de kinderen. Heel wat “onverklaarbare” gedragingen waren te verklaren volgens deze beginselen. Ik kon de kinderen veel beter begrijpen en weten wat het voor hen zo moeilijk maakt om bepaalde oefeningen/handelingen uit te voeren. M’n stagementor beloofde me in de komende weken nog veel meer te vertellen over deze therapie.

Het fijne aan Nederland is dat mensen helemaal geen etiket (lees: diagnose) hoeven te hebben om toegang te krijgen tot ergotherapie. Hierdoor kunnen kinderen en volwassenen met problemen snel geholpen worden zonder dat er een proces moet worden opgestart bij artsen die heel onbereikbaar zijn en heel lange wachttijden hebben. Om nog maar te zwijgen over alle onderzoeken die moeten worden gedaan om de diagnose te stellen. De ergotherapeut doet zelf heel wat testen om het handelen in kaart te brengen en ontdekt zo vanzelf wat het probleem is, waar de oorzaak ligt en hoe de persoon geholpen kan worden.

Ook op school zijn leerkrachten veel meer vertrouwd met het beroep dan in België, dit mede door de vroegere start van het inclusief onderwijs. Leerkrachten weten dat ze meer kinderen met moeilijkheden hebben in klas en naar wie ze die kunnen doorverwijzen. Zo komen dus ook heel wat kinderen door doorverwijzing van een leerkracht op mijn stageplek terecht. Dit is echt een droomvoorbeeld in vergelijking met België (alhoewel het hier ook nog niet ideaal is). De ergotherapeut wordt ook opgeroepen door wijkteams. Deze teams krijgen aanvragen voor hulp bij mensen thuis, indien het wijkteam onvoldoende expertise heeft wordt de ergotherapeut er bij gehaald. Ook bij het adviseren van hulpmiddelen en aanpassingen wordt automatisch een ergotherapeut aangesteld.

Het mooiste aan en zelfstandige ergotherapeut is dat de therapeut elke vordering helemaal zelf heeft bereikt. Vandaag zagen we fantastische resultaten door het vinden van een geschikte therapie na heel wat onderzoeken en vragenlijsten die de ergotherapeut heeft afgenomen. Daarnaast is de ergotherapeut ook echt een ankerpunt voor de cliënten. Heel wat cliënten krijgen verschillende verpleegkundigen, mensen van het wijkteam, verzorgers enz. over de vloer, maar de ergotherapeut is altijd dezelfde persoon. Mensen hebben dan ook heel veel vertrouwen in haar en bouwen echt een band op.

Wat ik als ergotherapeut jammer zou vinden is dat ik mijn kennis over de andere doelgroepen verlies. Dit is niet het geval bij een zelfstandig ergotherapeut. De cliënten gaan van kinderen met schrijfmotorische problemen, jongeren met een NAH, ernstig verstandelijke beperking tot volwassenen met MS, personen die terminaal ziek zijn en ouderen die langer thuis willen wonen. Het cliënteel is dus heel breed en vol variatie. Daarnaast zijn ook de soorten interventies als de locaties heel verschillend. Mijn stagementor heeft een eigen praktijk maar gaat ook langs op scholen en doet thuisinterventies.

Het jammere aan de zelfstandige ergotherapeut leek mij het contact met collega’s die wegvalt. Dit bleek helemaal niet het geval te zijn! Op de scholen heeft de ergo nauw contact met de fysiotherapeut (bij ons kinesitherapeut), leerkrachten, zorgleraren, directie, conciërges.. en bij de thuisinterventies wordt er geregeld overlegd met de andere betrokken disciplines. Daarnaast is er ook contact met de teams uit de ziekenhuizen waar patiënten onderzoeken laten doen. Aan contact dus geen gebrek! Na één week tijd lijkt dit voor mij echt een heel geschikte job. Ik doe graag mijn eigen ding en bepaal ook graag hoe ik dingen inplan. Het nauwe contact spreekt me ontzettend aan, net zoals de constante afwisseling van patiënten en locaties. Dat kan ik nu al zeggen na één week stage, ik ben zo benieuwd naar wat ik nog allemaal zal zien in de komende negen weken!

Liefs, Laura